2004

Folder IerlandPELGRIMAGE IERLAND 2004

In de periode van zondag 25 april tot en met donderdag 6 mei werd door bijna 100 deelnemers vanuit Soest een pelgrimage gemaakt naar Ierland. Ierland is tot nu toe geen land dat bekend staat voor het maken van een pelgrimsreis. Ierland is natuurlijk wel beroemd om zijn mooie natuur en rust. Ierland is ook nog geen vakantieland dat massaal wordt bezocht al zit het wel in de lift. Waarom dan toch deelnemen aan zo’n pelgrimsreis, en welke ervaringen werden opgedaan. Hierna een verslag van misschien wat persoonlijke ervaringen om 12 dagen met een grote groep Nederlanders op reis te zijn. Besef wel dat iedere deelnemer zijn eigen ervaringen heeft. Ikzelf zit er natuurlijk een beetje dubbel in. Ik ben betrokken bij de organisatie, maar evengoed als ieder ander ben ik deelnemer. In het kader van de voorbereiding had ik in 2003 al een 5-daags bezoek gebracht aan Ierland.

Zondag 18 april

Al ben je maandenlang bezig met de voorbereiding van deze pelgrimage, je wordt zelf pas pelgrim wanneer je de reispapieren door het reisbureau hebt toegestuurd gekregen. Dan zie je de hotellijst, het reisinformatieboekje in zijn uiteindelijke opzet, de vertrektijd van de bus etc. Het echte pelgrimsgevoel krijg je bij de viering in de Petrus en Pauluskerk op zondag 18 april. Het is gezellig vol en de deuren gaan open om het gildekorps binnen te laten. Dan is de adrenaline tot zijn toppunt gestegen. Je wacht tot de hoornblazers en tamboers op hun plaats in de kerk zitten en de muziek is afgelopen. Dat is het moment dat je het sein geeft om de gildetrommen aan te zetten en de pastor en misdienaars vooruit te gaan. De viering kan beginnen. Een viering rondom het thema “een mens te zijn op aarde”. De verschillende liederen worden zeer uitbundig meegezongen. De pelgrimsreis is begonnen. En als je dan later in het Gildehuis terugkomt, de andere deelnemers aantreft en dan de sfeer proeft dan weet je dat het een geslaagde pelgrmage gaat worden. Dat wordt ook zo geproefd door de gildeleden uit Dinther die deze ochtend naar Soest zijn gekomen om deze viering mee te beleven. In het Gildehuis verder nog even kennis maken met de laatste “onbekende” reizigers die vanuit Soest mee vertrekken. En dan nog een week wachten voordat de pelgrimsreis echt gaat beginnen.

Zaterdag 24 april

De koffer wordt gepakt. Kan het in één tas of moet het een koffer worden. Heb ik alles wel bij me. Aan het eind van de ochtend is de koffer gepakt, alleen de kleine dingen moeten nog worden verzameld. De hoeveelheid wordt steeds groter, hetgeen betekent dat de koffer weer opengaat en nog enkele stukken worden geruild. Dan maar enkele kledingstukken niet mee (Ik heb ze trouwens tijdens de pelgrimage niet gemist: dus je neemt in 1ste instantie weer veel te veel mee). Gewone tijd naar bed, want de volgende dag is het vroeg op staan.

Zondag 25 april

De wekker loopt om 3.30 uur af, want 4.30 uur wil ik wel bij de Petrus en Pauluskerk zijn. Douchen, aankleden, ontbijten. De rest van de familie staat ook op en even voor 4.30 uur rijden we richting het Kerkplein. We zijn zeker niet de eersten die er aankomen. Al tientallen, pelgrims en hun familie hebben zich verzameld. Wat is het trouwens nog druk om deze tijd in het dorp. Jongelui komen uit de kroeg en steklen als groet hun hand nog even op. Al na korte tijd komt Bus 1 binnenrijden. De koffers onderin, de andere spullen bovenin. Nog even rondlopen en Bus 2 is er ook. Even een check of iedereen er is. Daarmee vergeet ik zelfs afscheid te nemen van mijn eigen familie. Ik had nog zo beloofd te zwaaien, wanneer de bus wegreed. Op weg richting Hoek van Holland. Daar zijn we de eerste bussen die er arriveren. Lunchpakketten worden ingeladen, iedereen krijgt een instapkaart voor de Stena Line, vervolgens paspoortcontrole en dan richting de boot om in te schepen. Uitstappen op het groene platform en dan op zoek naar een plaats op het verblijfsdek. Wat is zo’n boot groot zeg. Met 700 passagiers is de boot die ochtend nog niet half vol. Tijdens de reis is het nader kennis maken met vele oude bekenden. De zee is rustig, want het weer is voortreffelijk. Met 3,5 uur komen we in Harwich aan nadat er voldoende tijd was voor een kopje koffie, het opeten van verschillende broodjes, en even op het buitendek vertreden. Voor het lezen van een krant met de reportages van de huwelijksplechtigheden van Prins Johan Friso en Mabel was geen tijd. De kranten kregen trouwens pas weer mijn aandacht bij thuiskomst. Tussendoor het dagelijkse nieuws dus niet gevolgd. Vanuit Harwich op weg richting Londen. Daar hadden wij in de buurt van de Tower Bridge enkele uurtjes vrij. Het was die middag stralend weer. De tijd vloog om voordat we in de parkeergarage op de bus moesten stappen. Hij was wat later dan afgesproken omdat het zoeken naar een parkeerplaats teveel tijd in beslag nam en de chauffeur ook zijn rust moet hebben. Nog een korte stadstour door Londen en daarna op weg naar het hotel. Met het eten zijn we als reizigers weer bij elkaar en daarna is het eigenlijk al snel gaan slapen, want het was een lange dag.

Maandag 26 april

Toch weer vroeg op die morgen, al om 5.45 uur want de volgende boot  voor de overtocht naar Ierland moest worden gehaald. We reden zo goed als in één keer door naar de plaats Fishguard. Daar hadden wij ruim de tijd om de omgeving te verkennen. De dag ervoor nog dichte mist, nu zonnig en helder weer. De overtocht was weer net zo rustig als de eerste overtocht. Nu geen snelle boot, waardoor we ook op het bovendek konden vertoeven. Genieten van de buitenlucht en oppassen dat je niet verbrand in de zon.Daarna op weg naar Duncannen voor de overnachting. Een ouderwets gezellig familiehotel. De eetruimte was beperkt en bij binnenkomst werden we nogal dirigistisch naar een plaats aan tafel verwezen. Daarna werd het humeur en de uitstraling van de serveerster warmer. De keuze van een maaltijd was moeilijk, want alles wat op de kaart stond was lekker. Ook nu weer na het eten snel naar bed.

Dinsdag 27 april

Vanuit de plaats Duncannen trekken wij door Zuid-Ierland. Al na een klein uurtje komen wij in Admore met een bijzondere Roundtower, een vestingstoren, waarin mensen zich verstopten bij de aanvallen door de Noormannen. Tijd voor een wandeling door het kleine plaatsje. Het kerkhof en de het kerkje bracht menige pelgrim terug in de historie van Ierland in combinatie met zijn eigen verleden en interesses. Vervolgens door naar Middleton voor het bezoek aan de whiskeystokerij van Jameson. Met een Nederlandstalige film werd het bezoek ingeleid, waarna in groepen door het museum werd getrokken. Ikzelf zorgde voor enig vertaalwerk zodat nog meer van de achtergronden bij iedereen konden worden overgebracht. Vanuit elke groep kregen enkele leden de mogelijkheid een whiskeytest uit te voeren. Pastor Hans van de Schepop was een van de gelukkigen. Hij genoot ervan. In Middleton nog tijd voor een lunch en daarna richting het hotel in Killarney. Aan de overzijde van het hotel een natuurpark: een toevluchtsoord voor menige vroege wandelaar.

Woensdag 28 april

We rijden de Ring of Kerry. Een dag waarin de Ierse natuur bewonderd wordt. Rustig zoeft de bus over de wegen met zo af en toe een stop om te genieten van het geweldige uitzicht over de zee of over de meren. Rond het middaguur tijd voor een uitgebreide warme lunch. Tevoren hadden wij in de bus de menukaart voor het avondeten al doorgenomen en heb ik vele lamsboutjes als gerecht genoteerd. Dit omdat wij ’s-avonds een musical “Dance to the moon”, een riverdance-uitvoering, konden gaan bezoeken en we dus voor achten gegeten moesten hebben. De keuken kon dan sneller de maaltijd serveren. Bijna iedereen genoot van de uitvoering en wat een conditie hebben de dansers zeg.

Donderdag 29 april

Een route langs de westkust met als hoogtepunt een bezoek aan de Cliffs of Moher. Het was (vond ik) te mooi weer. De zee was rustig, geen hoge golven, geen gebeuk tegen de rotsen. Dat kan allemaal veel spectaculairder. Voor het wandelen was dit natuurlijk beter, want iedereen kon van het uitzicht genieten. Ons overnachtinghotel was vlakbij op het Spanish Point, een plek waar de Spaanse armada ten onder ging in een zware storm. Ook aan het eind van deze middag beukten de golven tegen de kust; een kust die tot onder onze eetzaal reikte.

Vrijdag 30 april

Koninginnedag, en een 50ste verjaardag van een van de pelgrims. De bus was ruim versierd, de Nederlandse vlag in top. Een rit door The Burns, smalle wegen, echter met beperkt verkeer, dus weer een mooie rit door het ruige Ierland. Pas na het middaguur waren wij in CroughPatrick om de berg te beklimmen en onze aflaat te verdienen door 7 maal rond het beeld te lopen. Tegen de avond kwamen wij bij ons hotel in Ballina, aan het water gelegen en vlakbij een kerk, waar vele pelgrims bemerkten dat er een Canadees koor aan het zingen was. Dat zijn dan tevens de bijzondere ervaringen tijdens zo’n reis. In het hotel was ’s-avonds een feestje, dat ook de nachtrust kostte van verschillende van onze pelgrims.

Zaterdag 1 mei

Het bezoek aan de bedevaartplaats Knock. Vroeg op pad, want we wilden op tijd in Knock zijn om de plaats te verkennen, om met het koor nog even te oefenen en onze viering voor te bereiden. Een majestueuze nieuwe basiliek. Vele duizenden zitplaatsen. Dan zit je toch wat verloren in zo’n kerk. Toch een bijzondere viering, waarbij de kaars uit Soest voor de eerste maal werd gebrand met een uitleg aan de aanwezigen. Tijdens de viering een gildenpresentatie met vaandel en trommen. Het echte gildengebeuren was na afloop van de viering in de heiligdommen. Een korte rondtocht over het plein, een dankwoordje aan Mgr Quinn, de prefect van de heiligdommen,  het overvendelen, een vendelgroet en tot slot het maken van een groepsfoto. Dat alles kon in een zonnig Knock. De zon die mist, wind en regen die wekenlang deze plaats teisterden had verdrongen. We bleven in de gildekledij rondlopen tot we weer in de loop van de middag teruggingen naar ons hotel. Daar was een bruiloft begonnen. Een grote limousine bracht het bruidspaar naar ons hotel. Het feest ’s-avonds leverde wederom verstoring op van de nachtrust en de volgende ochtend troffen wij zelfs slapende gasten in de gangen van het hotel.

Zondag 2 mei

Een tocht door Noord-Ierland richting westkust. Een hele lange bustocht bracht ons voor een paar uurtjes ontspanning in Armagh. In deze plaats heeft Sint Patrick zijn eerste kerk laten bouwen. In die plaats zelfs 2 kathedralen die naar hem zijn vernoemd. Een redelijk nieuwe RK-kathedraal (100 jaar oud), waar velen verliefd op werden. En een wat oudere Anglicaanse kathedraal die op deze dag heropend werd na een lange periode van restauratie. Een jongenskoor oefende voor de Vespers, uitnodigend om even te gaan zitten en luisteren. Armagh werd alleen door de Soester pelgrims bezocht. Daarna een rit naar ons hotel op de grens van Ierland en Noord-Ierland. De Noordierse invloeden waren daar goed te merken. We worden in ons hotel wat overvallen door de drukte die daar heerst. Wat is er aan de hand? Maandag 3 mei is “Bankholiday”, een vrije dag in Ierland en Engeland. En dat vooruitzicht trekt vele duizenden naar een bar. In het hotel was ook een disco. Maar liefst 2000 bezoekers kwamen er die avond. Het was net een gildefeest. Heel druk, veel drank, beveiliging, af en toe een opstootje. Alleen als reiziger heb je er in een hotel wat last van. Er was geen leuk plekje om rustig een kaartje te leggen of bij te praten onder het genot van… En ook deze nacht was er weer de nodige onrust rondom het hotel. Dus sommige reizigers hadden weer geen optimale nachtrust.

Maandag 3 mei

Deze dag ging de tocht naar Downpatrick. Daar ligt Sint Patrick begraven onder een zeer eenvoudige steen. Bij aankomst eerst in Sint Patricks Centre een mooie 3-dimensionale film over het leven van Sint Patrick in Ierland. Ondanks dat je in een bioscoopstoel zit heb je toch het gevoel dat je lucht- of zeeziek wordt omdat je wordt meegezogen in de film. Vervolgens een bezoek aan de kathedraal bij het graf van Sint Patrick. Een enthousiaste ontvangst in de kathedraal door een gastvrouw die trots is op deze kathedraal en dat ook uitstraalt. Wederom heb ik ervoor gezorgd dat haar verhaal werd vertaald voor degenen die geen Engels verstaan. Op deze dag in Downpatrick een Levende Historie en wel rondom de oude gevangenis. We kregen daar ook de kans om even binnen te kijken en kennis te nemen van een stukje nostalgische geschiedenis. Omdat het “bankholiday” was, werd door de organisatie een lunch geregeld voor alle geïnteresseerden en wel in het oudste restaurant. Na de lunch nog tijd voor een korte wandeling en daarna de kustweg volgen naar Dublin. Wat tegenviel onderweg was de mogelijkheid om even te stoppen en naar het toilet te gaan. Verschillende pogingen gedaan, maar niet gevonden. Dat werd een lange rit in de bus (meer dan 3 uur). Het hotel hadden we snel gevonden en lag in de stad zelf. De avond was er dit keer een Italiaans diner met alles wat daarbij hoort aan vliegende koks en schreeuwende kelners. De bar was groot genoeg voor nog een afzakkertje. Sommigen genoten van de Ierse muziek in een andere ruimte van het hotel. De kamers waren verspreid over verschillende huizen. Het was elke keer een puzzel om de kamer te vinden.

Dinsdag 4 mei

De organisatie had de Pro-cathedral geregeld voor een gezamenlijke afsluitende viering. De dienst was al om 9.00 uur, dus we moesten weer vroeg op om tijd te zijn. Deze viering riep bij iedereen meer warmte op. De kerk was kleiner, we voelden ons niet verloren. Veel samenzang en een thema van vrede. Wederom een presentatie van de trommen en de vaandels. De kaars uit Soest werd wederom gebrand op een van de zij-altaren, waar deze ook achterbleef. Na afloop naar het plein tegenover de kathedraal op het terrein van het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen. De Nederlandse vlag wapperde, de gilden verzorgden een groet en het Ministerie een ontvangst met koffie of thee. Wat korte toespraken en een unieke kans om de stad Dublin te verkennen: te voet of met de bus. In de middag de eerste en enige echte regenbui. Voor het avondeten was er nog een moment van stilte om ook in Ieerland tijdens de pelgrimage de gevallen te herdenken.

Woensdag 5 mei

De terugreis aanvaarden. Als eerste naar de boot om naar Engeland over te varen. Dat gebeurde in de loop van de ochtend. De boot deed er 1 uur en 45 minuten over. In Engeland moesten wij nog meer dan 600 kilometer rijden om bij ons hotel te komen. Veel stops zaten er dan ook niet in en pas tegen negenen waren we in ons hotel. Het eten was deze keer wat minder. De vis was nog niet gaar. Na het eten, omdat we alweer moe waren, vroeg naar bed. Vroeg: het was inmiddels al wel over elven.

Donderdag 6 mei

De laatste etappe. In Harwich weer op de boot naar Hoek van Holland. We deden er 3,5 uur over en de zee was weer heel rustig. In Rotterdam hadden we nog een gezamenlijk afscheidsdiner op de 8ste verdieping van het Groothandelsgebouw met een grandioos uitzicht over de stad. En daarna nog een uurtje rijden naar Soest. Deze dag ook veel aandacht voor het uitwisselen van herinneringen, het elkaar bedanken voor de fijne tijd, de dames bedanken die zorgden voor koffie en andere drankjes in de bus en natuurlijk ook de chauffeur die ons veilig had gereden. En dan ben je weer thuis en zijn 12 dagen best wel omgevlogen. Je hebt weer veel herinneringen meegenomen. Je hebt weer inspiratie opgedaan om je ergens voor in te zetten. Elke dag een moment van meditatie, een moment dat je even je gedachten laat gaan. En dan sta je ook stil bij de zorgen die ieder wel heeft.

Een reis naar Ierland zorgt voor rust, het laat je onthaasten. En daarna val je toch weer in je oude ritme terug. Of … toch ……

René van Hal.

Dit verslag is overgenomen uit “De Gildepraot”, het verenigingsblad van het Groot Gaesbeeker Gilde of Sint Aechten Schuttersgilde van Soest.